Bijzondere Waarnemingen in 2006

26 december 2006: Peperbus in het Westduinpark bij Den Haag

Peperbus
Myriostoma coliforme (With.: Pers.) Corda
Peperbus door Maarten Breedveld
Foto: Maarten Breedveld (2006)
Beschrijving:
Ingezonden door een wandelaar: "Vandaag (2e kerstdag) liep ik door het Westduinpark in Den Haag. In de berm bij een open zandige vlakte viel mijn blik op een opvallend groepje van vier zilverachtige paddenstoelen met vele gaatjes in de bovenkant. In eerste instantie dacht ik aan een aardster-soort. Maar mijn zoekpoging op soortenbank.nl (met de foto's in de hand) leerde mij dat het om de Peperbus moest gaan. Een treffende naam naar mijn idee!" In Nederland komt de peperbus uitsluitend voor in het duindistrict ten zuiden van Schoorl. De soort staat als bedreigd op de Rode Lijst.

Klik voor een toelichting op paddenstoelenliteratuur! Literatuur:
E. Gerhardt (2006): De grote paddenstoelengids voor onderweg, blz. 616.
M.M. Nauta & E.C. Vellinga (1995): Atlas van Nederlandse Paddestoelen, blz. 295.
R. Phillips (1981): Paddestoelen en schimmels van West-Europa, blz. 252.

20 december 2006: Sikkelkoraalzwammetjes in Twente

Sikkelkoraalzwam
Clavulinopsis corniculata (Schaeff.: Fr.) Corner
Sikkelkoraalzwam door Gerben Winkel
Foto: Gerben Winkel (2006)
Fijne feestdagen!
Deze Sikkelkoraalzwammen groeiden tussen Kale jonker (Circium palustre) in natuurreservaat 'De Punthuizen' in Oost-Twente. De planten lijden er niet onder als ze stijf omringd zijn door de aanwezige zwammen. Er moet echter wel een reden zijn dat ze juist deze plekken prefereren om hun vruchtlichamen boven de grond te steken.

Klik voor een toelichting op paddenstoelenliteratuur! Literatuur:
G. Keizer (1997): Paddestoelen Encyclopedie, blz. 136.
R. Phillips (1981): Paddestoelen en schimmels van West-Europa, blz. 258.

30 november 2006: Trechtercantharellen in Landgoed Boerskotten (Twente)

Trechtercantharel
Cantharellus tubaeformis (Bull.) Fr.
Trechtercantharellen door Gerben Winkel
Foto: Gerben Winkel (2006)
Beschrijving:
In een oud beukenbos op keileemgrond, gelegen in Landgoed Boerskotten, is maandenlang een ruime variatie aan paddenstoelen te zien. Op 4 november 2004 vond ik in dit 'monumentale' bos één enkele Trechtercantharel. Twee jaar later blijkt deze zich op dezelfde plek te hebben uitgebreid en ook nog een paarhonderd meter verder op te staan. Verscholen onder het verse beukenblad groeien ze hier in bundels op oude stronken in een dik pakket verterend blad. Ditmaal geen dunne strooisellaag, zoals bij de vindplaats in Bergen (zie waarneming van 2004). Houden ze het er vol tot eind december? De Trechtercantharel staat als bedreigd vermeld op de Rode Lijst.

Klik voor een toelichting op paddenstoelenliteratuur! Literatuur:
E. Gerhardt (2006): De grote paddenstoelengids voor onderweg, blz. 558.
M.M. Nauta & E.C. Vellinga (1995): Atlas van Nederlandse Paddestoelen, blz. 156.
R. Phillips (1981): Paddestoelen en schimmels van West-Europa, blz. 191.

30 november 2006: Gele stekelzwam in Landgoed Boerskotten (Twente)

Gele stekelzwam
Hydnum repandum L.
Gele stekelzwam door Gerben Winkel
Foto: Gerben Winkel (2006)
Beschrijving:
De Trechercantharellen in het Landgoed Boerskotten hebben gezelschap van de Gele stekelzwam, die overigens op meer plaatsen in Twente te zien is. Dit nodigt uit om in vergelijkbare biotopen naar deze beide laatkomers te gaan struinen en inderdaad: de afgelopen maand (november) zijn landelijk nog drie waarnemingen gedaan, o.a. in een vergelijkbaar beukenbos! De Gele stekelzwam staat als bedreigd vermeld op de Rode Lijst.

Klik voor een toelichting op paddenstoelenliteratuur! Literatuur:
E. Gerhardt (2006): De grote paddenstoelengids voor onderweg, blz. 564.
M.M. Nauta & E.C. Vellinga (1995): Atlas van Nederlandse Paddestoelen, blz. 146.
R. Phillips (1981): Paddestoelen en schimmels van West-Europa, blz. 241.

26 november 2006: Morchelloïde Amethystzwammen in Noord-Brabant

Amethystzwam (morchelloïde vorm)
Laccaria amethystina Cooke
Morchelloide vorm van Amethystzwam door Henk Huijser
Foto: Henk Huijser (2006)
Beschrijving:
Paddenstoelen kunnen soms heel bijzondere groeiafwijkingen vertonen. De oorzaak is niet altijd duidelijk. Soms gaat het om een genetische afwijking. Dan vind je dezelfde afwijkingen jaarlijks terug bij hetzelfde mycelium. Afwijkingen kunnen ook het gevolg zijn van virussen (welke afwijkingen overigens moeilijk van genetische zijn te onderscheiden), bacteriën of parasitaire schimmels. Nevelzwammen die door de Parasietbeurszwam zijn aangetast, hebben ook duidelijk afwijkende vormen (zie hieronder!), nog voordat de Parasietberuszwam zich heeft laten zien. De morchelloïde vergroeiïng van de hoed bij Laccaria-soorten (met name Schubbige fopzwam en Amethystzwam) wordt wel vaker gevonden in ons land. Het is niet zeker of er bij deze afwijking sprake is van een genetisch defect of een virus.

Klik voor een toelichting op paddenstoelenliteratuur! Literatuur:
E. Michael, B. Hennig & H. Kreisel (1983): Handbuch für Pilzfreunde 5, blz. 53-56.

19 november 2006: Parasietbeurszwam in kasteelpark Nijenrode

Parasietbeurszwam
Volvariella surrecta (Knapp) Singer
Parasietbeurszwam door Gert Immerzeel
Foto: Gert Immerzeel (2006)
Beschrijving:
November, de Nevelzwammen (Clitocybe nebularis) zijn er al weer even en meestal betekent dat het begin van het einde van het "echte" paddenstoelenseizoen. Toch kunnen er in deze tijd verrassingen optreden, en als de Nevelzwammen ouder worden, is het zeker na een warme herfst de moeite waard eens te letten op misvormde exemplaren. De kans bestaat namelijk dat daar later mooie witte donzige beurszwammetjes op groeien: de Parasietbeurszwam. Onlangs kwam ik in kasteelpark Nijenrode dergelijke misvormde nevelzwammen tegen, bleef er op letten en deze week verschenen er Beurszwammen op! volgens de literatuur is de Parasietbeurszwam parasitair op Nevelzwammen. Dat zou goed kunnen kloppen, want ik heb de soort jaren geleden hier ook wel gevonden op een plek waar het seizoen ervoor Nevelzwammen gestaan hadden. Blijkbaar was in dit geval het ondergrondse mycelium voldoende voor de Parasietbeurszwam. Zie verder de waarneming van 2005.

Klik voor een toelichting op paddenstoelenliteratuur! Literatuur:
E. Gerhardt (2006): De grote paddenstoelengids voor onderweg, blz. 52.
J. Breitenbach & F. Kränzlin (1995): Pilze der Schweiz - Band 4, blz. 138.
T. Boekhout (1990): Volvariella. Flora Agaricina Neerlandica - Vol.2, blz. 59-60.

19 november 2006: Onwelriekende beurszwam in kasteelpark Nijenrode

Onwelriekende beurszwam
Volvariella caesiotincta P.D. Orton
Onwelriekende beurszwam door Gert Immerzeel
Foto: Gert Immerzeel (2006)
Beschrijving:
Deze zeldzame beurszwam groeit in kasteelpark Nijenrode momenteel op ongeveer dezelfde plaats als in 2003, toen de soort hier voor het eerst werd aangetroffen. Dit jaar was net als 2003 behoorlijk warm, en mogelijk vindt deze soort dat wel prettig. De Onwelriekende beurszwam is een fraaie bruingrijze paddenstoel, waarvan de hoed geheel bedekt is met een aanliggend vachtje. Het is een soort die op hout groeit, vooral van Beuk. In dit geval stond hij op de grond, waarin wel veel houtresten zitten en er staan beuken vlakbij. Verwarring is mogelijk met de Grijsvezelige beurszwam (Volvariella murinella), doch deze heeft microscopisch andere kenmerken, en mist de karakteristieke geur van Robertskruid. De Onwelriekende beurszwam staat als ernstig bedreigd op de Rode Lijst.

Klik voor een toelichting op paddenstoelenliteratuur! Literatuur:
J. Breitenbach & F. Kränzlin (1995): Pilze der Schweiz - Band 4, blz. 134.
T. Boekhout (1990): Volvariella. Flora Agaricina Neerlandica - Vol.2, blz. 59.

18 november 2006: Beukenkorrelkopjes in het Bunderbos

Beukenkorrelkopje
Phleogena faginea (Fr.) Link
Beukenkorrelkopjes door Aldert Gutter
Foto: Aldert Gutter (2006)
Beschrijving:
Twee jaar geleden was deze soort nog een nieuwkomer in ons land en tot dit jaar tweemaal gevonden in het kasteelpark van Nijenrode. Dit jaar duik het Beukenkorrelkopje ineens op veel meer plaatsen op: de waarneming in het Bunderbos was de vijfde van 2006! Inmiddels is er ook een officiële Nederlandse naam (aanvankelijk werd de naam "Maggiknopje" voorgesteld, vanwege de sterke maggigeur). De soort maakt deze nieuwe naam (evenals de wetenschappelijke naam) overigens niet waar. Behalve op beuk is dit paddenstoeltje dit jaar vooral op vier andere loofhoutsoorten gevonden, waaronder es (Fraxinus) en els (Alnus)! De laatste foto in de serie betreft een waarneming van 25 oktober bij Ruinen (Drenthe) op els.
Bekijk ook in de waarneming in kasteelpark Nijenrode (dec. 2005)

Klik voor een toelichting op paddenstoelenliteratuur! Literatuur:
G.J. Krieglsteiner (2000): Die Großpilze Baden-Württembergs, Band 1, blz. 67-68.

17 november 2006: Verblekende wasplaten in Oranjezon (Zeeland)

Verblekende wasplaat
Hygrocybe vitellina (Fr.) P. Karst.
(= H. luteolaeta Arnolds)
Verblekende wasplaat door Hannie Joziasse
Foto: Hannie Joziasse (2006)
Beschrijving:
De verblekende wasplaat werd gevonden langs een schraal graspad bij het zuidelijk infiltratiekanaal (nabij Oostkapelle). Aanvankelijk werden de paddenstoeltjes ontdekt door Henk Remijn. Daarna zou Hannie ze fotograferen. Maar dat ging niet vanzelf, zo blijkt: "Vorige week vrijdag was ik daar om ze te zoeken, helemaal niets gevonden. Toevallig zag ik een piepkleine witte paddenstoel onder blad staan en ik wist zeker geen naam te vinden, maar ik wilde ze toch fotograferen. Toen ik de foto's naar Henk mailde, was ik zeer verbaasd toen hij vertelde dat ik toch de Verblekende wasplaat heb gevonden".
De soort staat als ernstig bedreigd op de Rode Lijst.

Klik voor een toelichting op paddenstoelenliteratuur! Literatuur:
D. Boertmann (1996): The Genus Hygrocybe. The Fungi of Northern Europe - Vol. 1, blz. 90.
E.J.M. Arnolds (1990): Hygrophorus. Flora Agaricina Neerlandica - Vol.2, blz. 110 (als H. luteolaeta).

15 november 2006: Eierzakjes in het Roderveld

Eierzakje
Nidularia deformis (Willd.) Fr.
Eierzakje door Gerben Winkel
Foto: Gerben Winkel (2006)
Beschrijving:
Het is soms gewenst om meer op de knieën te gaan voor de natuur! Kleine soorten paddenstoelen laten zich dan beter vinden en ze zijn misschien minder zeldzaam dan wordt aangenomen omdat ze er wel zijn maar niet worden waargenomen. Zo'n kleine soort stond ditmaal massaal op dood loof- en naaldboomhout in een kletsnatte greppel in het Roderveld. Het Eierzakje is een buikzwam zo groot als een erwt en bij rijpheid overvloedig voorzien van bruine peridiolen ("eitjes"). Zo zien ze er uit als kapotte bessen. Bij regen spoelen deze lensvormige peridiolen met sporen uit de bekerwand. Het is een bijzondere manier van voortplanting. In Duitsland noemt men het Eierzakje 'Vollgestopfter Nestling'. Er zitten dan ook meer peridiolen in het omhulsel dan bij de bekendere soorten nestzwammetjes. Het Eierzakje staat op de Rode Lijst vermeld als bedreigd.

Klik voor een toelichting op paddenstoelenliteratuur! Literatuur:
E. Gerhardt (2006): De grote paddenstoelengids voor onderweg, blz. 622.
G. Keizer (1997): Paddestoelen Encyclopedie, blz. 143.
R. Philips (1981): Paddestoelen en schimmels van West-Europa, blz. 255.

6 november 2006: Olijfkleurige slijmkoppen in Oud Amelisweerd

Olijfkleurige slijmkop
Hygrophorus persoonii Arnolds
Olijfkleurige slijmkop door Emma van den Dool
Foto: Emma van den Dool (2006)
Beschrijving:
Eveneens in Oud Amelisweerd staan momenteel op verschillende plaatsen prachtige groepen van de Olijfkleurige slijmkop. Ze zijn goed herkenbaar aan hun olijfbruine slijmige hoeden met brede stompe donkerder umbo. En aan de gemarmerde kleverig-slijmige steel. Volgens het 'Overzicht' niet meer in F gemeld sinds 1982, maar nadien alleen al in Utrecht van twee groeiplaatsen bekend, n.l. de Blikkenburgerlaan in Zeist en Nijenrode te Breukelen. En nu dus ook van Oud Amelisweerd te Bunnik.
De soort staat op de Rode Lijst en eveneens op de provinciale Oranje Lijst van kleibospaddenstoelen en wel als 'bedreigd'.
Op 19 november vond Gert Immerzeel deze soort ook in kasteelpark Nijenrode. In de fotoserie is deze vondst als derde toegevoegd.

Klik voor een toelichting op paddenstoelenliteratuur! Literatuur:
E.J.M. Arnolds (1990): Hygrophorus. Flora Agaricina Neerlandica Vol.2, blz. 129
R. Philips (1981): Paddestoelen en schimmels van West-Europa, blz. 59 (als H. dichrous)

6 november 2006: Haagbeukgordijnzwammen in Oud Amelisweerd

Haagbeukgordijnzwam
Cortinarius olivaceofuscus Kühner
Haagbeukgordijnzwammen door Emma van den Dool
Foto: Emma van den Dool (2006)
Beschrijving:
Met Mirjam Veerkamp het kleibos Oud Amelisweerd afstruinend, omdat de stuifzanden nog steeds niet erg veel opleverden, vonden we op 6 november ineens een grote groep Haagbeukgordijnzwammen. En wel onder oude beuken aan de rand van een windworpvlakte op het zogenaamde 'Engelse Werk', waar we wel vaker leuke soorten tegenkomen. Het is een soort uit de Dermocybe-groep, gekenmerkt door olijfgeelgroenige platen en een olijfgeelbruine hoed waar ook iets groenigs in zit. Deze kleuren komen op de foto niet helemaal goed tot hun recht. Volgens het 'Overzicht van de paddestoelen in Nederland' zou deze soort uiterst zeldzaam zijn. Recent is de soort nog enkele malen gevonden, zoals o.a. in 2001 op het landgoed Linschoten en in 2004 op de Notenlaan te Zeist.

Klik voor een toelichting op paddenstoelenliteratuur! Literatuur:
R.M. Däncke (2001-2004): 1200 Pilzein Farbfoto's, blz. 704.
Brandrud et al (1990): Cortinarius Flora Photographica, pl. A16.

6 november 2006: Violetvoetsatijnzwammen in Boswachterij Smilde

Violetvoetsatijnzwam
Entoloma vinaceum var. violeipes Arnolds & Noordeloos
Violetvoetsatijnzwam door Bernhard de Vries
Foto: Bernhard de Vries (2006)
Beschrijving:
Rob Chrispijn en Bernhard de Vries vonden vandaag in de Boswachterij Smilde (Drenthe) een (voor hen!) oude bekende paddenstoel terug: de Violetvoetsatijnzwam! Hij stond op een paar vochtige plekjes van een heideveld tussen Trekrus. Overigens een heel fraai stukje heide: met massaal Heideknotszwam (Claviaria argillacea). Jammer dat de violette tinten op de steel snel verdwijnen, zodat ze niet op de foto staan. De microscopische kenmerken van Entoloma vinaceum zijn: kleine nauwelijks hoekige sporen van ongeveer 6 à 7 micron diameter en 100% gespen. Geen cystiden, geen geur of smaak. Naaste verwant met dergelijke sporen is E. turbidum die veel in sparrebossen staat. De Violetvoetsatijnzwam staat als bedreigd op de Rode Lijst.

Klik voor een toelichting op paddenstoelenliteratuur! Literatuur:
M.E. Noordeloos (1992): Entoloma s.l., Fungi Europaei, Bnd. 5, blz. 208.
M.E. Noordeloos (1988): Entolomataceae. Flora Agaricina Neerlandica Vol.1, blz. 110.

26 oktober 2006: Roodrandgordijnzwammen in kasteelpark Nijenrode

Roodrandgordijnzwam
Cortinarius anthracinus (Fr.) Fr.
Roodrandgordijnzwam door Gert Immerzeel
Foto: Gert Immerzeel (2006)
Beschrijving:
Nog geen tien minuten na de vondst van de Violetstelige poederparasol (zie hieronder) trof ik daar vlakbij, in een smal bosstrookje langs water onder eiken, een mooi groepje Gordijnzwammetjes, fraai donkerroodbruin met mooie rode tinten in en onder de hoedrand, op de lamellen en op de steel. Het bleek dus te gaan om de Roodrandgordijnzwam, een soort die ik hier al eerder aantrof, maar in Nederland bijzonder zeldzaam is: deze soort komt verder slechts in drie andere hokken voor!
Vroeger werd de Roodrandgordijnzwam tot het subgenus Dermocybe gerekend, tegenwoordig wordt hij op grond van de pigmentchemie bij de Telemonia's ingedeeld. De soort staat als gevoelig op de Rode Lijst.

Klik voor een toelichting op paddenstoelenliteratuur! Literatuur:
J. Breitenbach & F. Kränzlin (2000): Pilze der Schweiz, Band 5, blz. 236
Th.W. Kuyper (1990): Het geslacht Cortinarius in Nederland - 1 Subgenus Dermocybe. Coolia 33(1), blz. 3.

26 oktober 2006: Violetstelige poederparasolletjes in kasteelpark Nijenrode

Violetstelige poederparasol
Cystolepiota bucknallii (B. & Br.) Sing. & Clemenç.
Violetstelige poederparasol door Gert Immerzeel
Foto: Gert Immerzeel (2006)
Beschrijving:
Tijdens mijn inventarisatiewerk noteer ik vaak lila paddenstoeltjes, zoals het Elfenscherpje (Mycena pura) en de Lila satijnvezelkop (Inocybe geophylla var. lilacina), soorten die je regelmatig tegenkomt en goed herkenbaar zijn, waardoor je ze meestal niet aan nader onderzoek onderwerpt. Vandaag kwam ik langs zo'n plek, en toen pas viel een groepje lila paddenstoeltjes op met mooie velumresten aan de hoedrand: dat moet wel iets heel anders zijn! Het bleken fraaie, korrelige lila parasolletjes met gele lamellen en een sterke, onmiskenbare geur van lichtgas of skatol, net als bij de Narcisridderzwam (Tricholoma sulphureum).
De soort staat als gevoelig in de Rode Lijst, komt hoofdzakelijk in Zuid-Limburg voor, maar wordt tegenwoordig ook wel meer daarbuiten aangetroffen. De groeiplaats was een humeus bosrandje onder Hazelaar.

Klik voor een toelichting op paddenstoelenliteratuur! Literatuur:
J. Breitenbach & F. Kränzlin (1995): Pilze der Schweiz, Band 4, blz. 188
P.H. Kelderman (1994): Parasolzwammen van Zuid-Limburg, blz. 31.
R. Phillips (1981): Paddestoelen en schimmels van West-Europa, blz. 30.

8 oktober 2006: Grove sponstruffel terug sinds 1915 !!!

Grove sponstruffel
Gautieria morchellaeformis Vittadini
<!-- BEGIN WAARNEMINGSVELD -->
Foto: Henri Jansen (2006)
Beschrijving:
In mijn telvak voor het Meetnet in Twickel (Delden) vond ik zondag een vreemd sponsachtig zwammetje. Ik heb er twee meegenomen om ze thuis eens beter te bekijken, maar ’s avonds vergat ik ze uit de de auto te halen. De volgende morgen stapte ik in de auto en verging van de stank: er hing een lucht in de auto alsof de gaskraan had opengestaan! Ik ben ’s avonds maar eens even langs Dinant Wanningen gegaan, mijn mycologische leermeester, om daar samen naar dit bijzondere zwammetje te kijken. Al snel ontdekten we via de wetenschappelijke mededeling over de Hyopgea van Gerard de Vries dat het wel een truffel moest zijn: macroscopisch had ons ding wel wat weg van de Grote worteltruffel (Hysterangium crassum), maar deze soort heeft duidelijk een peridium en dat ontbrak bij onze vondst. Na enig microscopisch onderzoek kwam Dinant tot een wel heel bijzondere ontknoping: de Grove sponstruffel. Deze soort is volgens de Rodelijst verdwenen uit ons land (laatste waarnemingen in Baarn 1912, 1915 en Hilversum 1915)! De Grove sponstruffel vormt mycorrhiza's met beuk. Onze truffels groeiden in een heksenkring van 22 exemplaren.

Klik voor een toelichting op paddenstoelenliteratuur! Literatuur:
G.J. Krieglsteiner (2001): Die Großpilze Baden-Württembergs, Band 2, blz.194.
G.A. de Vries (1971): de fungi van Nederland 3. Hypogaea. WM 88, blz. 29.

Oktober 2006: Zeldzame koraalzwammen in Twickel (Delden)

Beukenkoraalzwam
Ramaria fagetorum Maas G. ex Schild

Goudgele koraalzwam
Ramaria aurea (Schaeff.: Fr.) Quél.

Beukenkoraalzwam door Henri Jansen
Foto: Henri Jansen (2006)
Beschrijving:
De laatste week groeiden meerdere vruchtlichamen van deze zeer zeldzame soort in een rijke berm met beuken en eiken langs de Twickelervaart. De Beukenkoraalzwam werd voor het eerst in Nederland beschreven in 1976; de eerste vondst dateert van 1966. Thans is de Beukenkoraalzwam uit vier uurhokken in ons land bekend en staat hij op de Rode Lijst als bedreigd.
De eveneens zeer zeldzame Goudgele koraalzwam is bekend uit acht uurhokken en staat ook als bedreigd op de Rode Lijst. Vruchtlichamen van deze soort worden al een maand gevonden in hetzelfde telvak als de Grove sponstruffel (zie hierboven). De foto's van de Goudgele koraalzwam verschijnen in het venster ná de Beukenkoraalzwam. Klik!

Klik voor een toelichting op paddenstoelenliteratuur! Literatuur:
E. Gerhardt (2006): De grote paddenstoelengids voor onderweg, blz. 584 (R. aurea).
G.J. Krieglsteiner (2001): Die Großpilze Baden-Württembergs, Band 2, blz. 72 (R. fagetorum) en blz. 67 (R. aurea).
J. Breitenbach & F. Kränzlin (1986): Pilze der Schweiz, Band.2, blz. 354 (R. aurea).
G.A. Maas Geesternaus (1976): De clavarioide fungi. WM 113, blz. 61 (R. fagetorum) en blz. 58 (R. aurea).

28 september 2006: Rossige ballonbekertjes in Twentse modder

Rossig ballonbekertje
Sphaerosporella hinnulea (B. & Br.) Rifai
Rossig ballonbekertje door Gerben Winkel
Foto: Gerben Winkel (2006)
Beschrijving:
In het drie jaar jonge natuurontwikkelingsgebied, nabij de in ere herstelde Puntbeek bij Het Lutterzand, verschijnen de leukste paddenstoelen. Op 4 mei trof ik hier een zestigtal Blauwgroene trechtertjes en op 27 mei Oorlepelzwammen. En nu het Rossig ballonbekertje. Een echte mini, waar je zo aan voorbijloopt als je ze niet in een groepje vindt. Ze staan er vlakbij een drooggevallen nieuwe poel met Lisdodde, op slecht doorlatende grond met leem en ijzeroer. Ze ruiken dan ook naar sloot en zijn soms met algen bedekt. In deze boeiende biotoop staan ook veel bijzondere mossoorten. Het hier aanwezige milieu verandert heel snel doordat er meer pioniers op de loer liggen. Welke paddenstoel volgt? Van het Rossig ballonbekertje zijn tot nu twintig waarnemingen bekend en ze zijn ernstig bedreigd. Er zijn nauwelijks afbeeldingen van te vinden. Ze lijken op het Bruine ballonbekertje, maar deze geeft de voorkeur aan brandplekken. Dank aan Atte van den Berg voor de determinatie.

Klik voor een toelichting op paddenstoelenliteratuur! Literatuur:
L. Hansen & H. Knudsen (red.) (2000): Nordic Macromycetes, Vol.1, blz. 119 (als synoniem van S.brunnea).

25 september 2006: Spitse stinkzwam in het Cannenburger bos (Vaassen)

Spitse stinkzwam
Mutinus elegans (Mont.) E. Fischer
Spitse stinkzwam door Menno Boomsluiter
Foto: Menno Boomsluiter (2006)
Beschrijving:
Dit jaar is de Spitse stinkzwam opgedoken in het Cannenburger bos in Vaassen. Tot nu toe was de soort bekend van slechts één (!) vindplaats in ons land, namelijk het Bennekomse bos, waar de Spitse stinkzwam voor het eerst in 1989 en voor de tweede keer in 2004 gevonden werd door Nico Dam. Maar de vondst in Vaassen blijkt niet de eerste te zijn: door historische dias te bekijken, ontdekte Menno dat dit de derde keer is dat deze soort hier gezien wordt! Macroscopisch is hij goed te onderscheiden door het geleidelijk spits toelopende vruchtlichaam zonder insnoering onder het gleba en de opvallende winterwortelkleur. Daarbij is de Spitse stinkzwam iets groter dan de kleine stinkzwam (Mutinus caninus).

Klik voor een toelichting op paddenstoelenliteratuur! Literatuur:
M Dam & N. Dam (2004): Een familiebezoek met een luchtje. Coolia 47(4), blz. 218.
G.J. Krieglsteiner (2001): Die Großpilze Baden-Württembergs, Band 2, blz. 167.

20 september 2006: Anthracietrussula in de duinen bij Bergen (NH)

Antracietrussula
Russula anthracina Romagn.
Antracietrussula door Martijn Oud
Foto: Martijn Oud (2006)
Beschrijving:
Vandaag een dag roostervrij, dus ging ik naar de duinen voor mijn aandachtsoort: de Indigoboleet. Maar helaas, hij stond er dit keer niet. Wel kwam ik een soort "Grofplaatrussula" tegen met de plaatjes wel erg dicht tegen elkaar aan, dus heb ik een exemplaar ter determinatie meegenomen. Het bleek te gaan om de Antracietrussula, een soort die als ernstig bedreigd op de Rode Lijst staat, maar bovendien nog nauwelijks in Nederland gevonden is! Een paar jaar geleden vonden Friedjof van den Bergh en ik in de buurt van Duinvermaak te Bergen (hemelsbreed een paar honderd meter verderop) de Zwartwitte russula (Russula albonigra). Een soort, die wel wat op de Antracietrussula lijkt, omdat het vlees bij doorsnijden ook zwart wordt, maar zonder eerst zwak rood te verkleuren. Bovendien zijn de lamellen van de Antracietrussula scherp.

Klik voor een toelichting op paddenstoelenliteratuur! Literatuur:
F. Kränzlin (2005): Pilze der Schweiz, Band.6, blz. 134.
E. Gerhardt (2006): De grote paddenstoelengids voor onderweg, blz. 434.

17 september 2006: Vier vluchten Geaderde leemhoeden in Baarn

Geaderde leemhoed
Agrocybe rivulosa Nauta
Geaderde leemhoed door Aldert Gutter
Foto: Aldert Gutter (2006)
Beschrijving:
In Baarn volgt Huub van der Aa het verschijnen en de ontwikkeling van vruchtlichamen soms jarenlang op dezelfde vindplaatsen. In december 2005 werd vlak bij zijn huis een paardenkastanje geveld en de takken werden versnipperd op een grote hoop achtergelaten. In de winter begon die hoop te broeien: de stoom sloeg eruit en een Penicillium-soort bleek de oorzaak van deze enorme omzetting! Vervolgens verschenen in augustus tientallen Geaderde leemhoeden op de houtsnippers, die na veroudering werden vervangen door tientallen nieuwe: de tweede 'vlucht'. Inmiddels is de vierde vlucht verschenen en het aantal paddenstoelen dat de hoop nu al heeft voortgebracht is de vijfhonderd ruim gepasseerd.
In 1999 werd de Geaderde Leemhoed voor het eerst gevonden. Sindsdien neemt het aantal meldingen jaarlijks toe. In het bestand van de NMV zijn de waarnemingen tot en met 2004 verwerkt en daaruit blijkt dat de zwam al in 41 km-hokken (36 uurhokken) voorkomt! Bekijk het verspreidingskaartje.
Zie verder ook de waarneming van 2003.

Klik voor een toelichting op paddenstoelenliteratuur! Literatuur:
M. Nauta (2003): A new Agrocybe on woodchips in North Western Europe. Persoonia 18(2).
A. Benschop (2002): Bijzondere waarnemingen en vondsten. Coolia 45(3), p. 166.
M. Nauta (2002): Een nieuwe leemhoed op Houtsnippers. Coolia 45(2), p. 57-61.
G.J. Keizer (2001): De Interactieve Paddestoelengids (cd-rom). ETI/Kosmos-Z&K/Natuur & Techniek. Amsterdam.

10 september 2006: Zwamgasten bij kasteel Groeneveld (Baarn)

Plaatjeszwamgast
Asterophora parasitica (Bull.: Fr.) Sing.
Plaatjeszwamgast door Aldert Gutter
Foto: Aldert Gutter (2006)
Beschrijving:
Toen ik dertig jaar geleden voor het eerst serieus naar paddenstoelen begon te kijken, kende ik al een vindplaats van de Poederzwamgast, die daar jaarlijks op Grofplaatrussula's (Russula nigricans) verscheen. En mijn boekje vertelde mij dat er ook een - zeldzamere - Plaatjeszwamgast bestond, maar hoe ik ook zocht en probeerde plaatjes in de jonge exemplaren te zien (de Poederzwamgast hééft geen duidelijke lamellen!), een Plaatjeszwamgast vond ik nooit. Ook toen vorig jaar iemand foto's inzond voor deze site, moest ik hem teleurstellen, omdat het niet was wat hij dacht. Ja, ik was zelfs al zover, dat ik begon te denken dat de Plaatjeszwamgast een verzinsel was, dat domweg niet bestónd! En nu vond ik dan ineens beide soorten, deels groeiend op dezelfde (!) vruchtlichamen van de Fijnplaatrussula (Russula densifolia)! De Russula's lijken onder invloed van de parasiet groeiafwijkingen te vertonen (zie 3e en 4e foto in de serie). Beide soorten staan als kwetsbaar op de Rode Lijst.

Klik voor een toelichting op paddenstoelenliteratuur! Literatuur:
E. Gerhardt (2006): De grote paddenstoelengids voor onderweg, blz. 184 (als Nyctalis asterophora en N. parasitica).
G. Keizer (1997): Paddestoelen Encyclopedie, blz. 203 en 204.
J. Breitenbach & F. Kränzlin (1991): Pilze der Schweiz, Band.3, blz. 298 (Nyctalis asterophora) en 300 (Nyctalis parasitica).
R. Phillips (1981): Paddestoelen en schimmels van West-Europa, blz. 77 (als Nyctalis asterophora en N. parasitica).

10 september 2006: Blauwvoetstekelzwammen in Lage Vuursche en Schoorl

Blauwvoetstekelzwam
Sarcodon scabrosus (Fr.) Karst.
Blauwvoetstekelzwam door Aldert Gutter
Foto: Aldert Gutter (2006)
Beschrijving:
Terwijl Martijn Oud na een tip van zijn paddenstoelenmaatje Cees Roobeek door de Schoorlse Duinen kroop, bezochten ons erelid Huub van der Aa en ik het landgoed Pijnenburg bij Lage Vuursche. Dat bezoek kwam ons op een leuk aantal bijzondere vondsten te staan, waaronder twee mycelia van de Blauwvoetstekelzwam met in totaal meer dan twintig vruchtlichamen! De paddenstoelen bevonden zich op twee plaatsen precies in de rij tussen de bomen in een beukenlaan. In Schoorl goeiden de zwammen op de zuidhelling van een steil duin, waar geen blad blijft liggen, tussen mossen onder zomereik. Omdat de soort elders in Europa en met name in Noord-Europa in naaldbossen groeit, is het determineren in literatuur uit die streken soms problematisch.
In ons land is de Blauwvoetstekelzwam bekend uit slechts 20 atlasblokken en de soort staat als ernstig bedreigd op de Rode Lijst.

Klik voor een toelichting op paddenstoelenliteratuur! Literatuur:
E. Arnolds (2003): De Stekelzwammen en Pruikzwammen van Nederland en België, Coolia 46(3) supplement, blz. 63-64.
G. Keizer (1997): Paddestoelen Encyclopedie. Rebo, blz. 51.
J. Breitenbach & F. Kränzlin (1986): Pilze der Schweiz, Band.2, blz. 234.
R. Phillips (1981): Paddestoelen en schimmels van West-Europa, blz. 243.

10 september 2006: Sterschubbige parasolzwam bij Lage Vuursche

"Sterschubbige parasolzwam"
Macrolepiota fuliginosa (Barla) M. Bon
Sterschubbige parasolzwam door Aldert Gutter
Foto: Aldert Gutter (2006)
Beschrijving:
Samen met Huub van der Aa had ik het geluk in de bossen tussen Lage Vuursche en Baarn twee vindplaatsen van deze zeldzame parasolzwam te ontdekken. De foto's laten het nauwelijks zien, maar je denkt aan een miniatuuruitgave van de Gorte parasolzwam (M. procera), omdat deze exemplaren niet half zo groot zijn: hoedjes van 10 cm breed! De steel met dwarsbandjes en de slanke vorm sluiten een vergissing met de Knolparasolzwam (M. rachodes) uit. En dan de umbo: laag tot afwezig i.p.v. hoog en prominent. Hierdoor vallen de Tepelparasolzwam (M. mastoidea) en Donkere parasolzwam uit het 'Overzicht' (M. konradii) ook af. Overigens is die Donkere parasolzwam in de 'Flora Agaricina Neerlandica' niet meer terug te vinden. We moeten misschien aannemen dat het Nederlandse materiaal dat onder die naam was genoteerd grotendeels tot Macrolepiota fuliginosa moet worden gerekend. En die heeft in de 'Flora' nog geen Nederlandse naam, vandaar dat hier de vertaling van de Duitse naam uit Breitenbach is gebruikt. Wie het niet meer snapt raadplege alle hier vermelde literatuur.

Klik voor een toelichting op paddenstoelenliteratuur! Literatuur:
E.C. Vellinga (2001): Macrolepiota Singer. Flora Agaricina Neerlandica, Vol.5, blz. 67-68.
J. Breitenbach & F. Kränzlin (1995): Pilze der Schweiz, Band 4, blz. 216 (als Macrolepiota konradii).
R. Phillips (1981): Paddestoelen en schimmels van West-Europa, blz. 27 (als Lepiota konradii).

8 september 2006: drie soorten Stekelzwammen in Noord-Limburg

Gezoneerde stekelzwam (op de foto hiernaast) (grote foto's)
Hydnellum concrescens (Pers.) Banker

Fluwelige stekelzwam (klik voor de foto)
Hydnellum spongiosipes (Peck) Pouz.

Tengere stekelzwam (klik voor de foto's)
Phellodon melaleucus (Swartz: Fr.) P. Karst
Gezoneerde stekelzwam door Alina Billekens - Starzynska
Foto: Alina Billekens - Starzynska (2006)
Beschrijving:
Deze drie bijzondere soorten werden gevonden in de Eikele Peel bij Kessel (Limburg). De determinaties werden verricht door onze districtscoördinator Piet Kelderman. Foto's van alledrie soorten worden in een venster getoond als u op de foto hiernaast klikt.

Klik voor een toelichting op paddenstoelenliteratuur! Literatuur:
E. Arnolds (2003): De Stekelzwammen en Pruikzwammen van Nederland en België, Coolia 46(3) supplement, blz. 51-53 (H. concrescens), 55-57 (H. spongiosipes), 40-42 (P. melaleucus als P. connatus).
J. Breitenbach & F. Kränzlin (1986): Pilze der Schweiz, Bnd.2, blz. 222 (H. concrescens), 226 (H. spongiosipes), 228 (P. melaleucus).
R. Phillips (1981): Paddestoelen en schimmels van West-Europa, blz. 244 (alle drie).

7 september 2006: Roze stinkzwam in een tuin in Rohel (Friesland)

Roze stinkzwam
Mutinus ravenelii (B. & C.) E. Fischer
Roze stinkzwam door Jack van den Burg
Foto: Jack van den Burg (2006)
Beschrijving:
Deze paddenstoeltjes vond ik in mijn tuin in Rohel, Friesland. Vorig jaar groeiden ze er ook al. Ik zou denken dat deze soort wel redelijk zeldzaam is, want ik kan nergens een afbeelding vinden.
Inderdaad is de Roze stinkzwam niet algemeen, maar op deze site worden echter steeds vaker waarnemingen gemeld, alleen zijn de meegestuurde foto's meestal te slecht om te worden gepubliceerd. Wellicht is er een toename van deze soort in ons land, net als van de meeste andere exotische stinkzwammen, zoals de Traliestinkzwam en Inktviszwam. Zie ook de waarneming van 2004.

Klik voor een toelichting op paddenstoelenliteratuur! Literatuur:
E. Gerhardt (2006): De grote paddenstoelengids voor onderweg, blz. 620.
S. Ryman & I. Holmåsen (1992): Pilze, blz. 582.

6 september 2006: Zwetende kaaszwam in Overijssel

Zwetende kaaszwam
Oligoporus guttulatus Peck
Zwetende kaaszwam door Marian & Bert Jagers
Foto: Marian & Bert Jagers (2006)
Beschrijving:
Op 22 juni 2006 vonden we midden op een bospaadje in het Sterrebos bij Enschede, op een stronk van een spar, een kleine vreemd gevormde paddenstoel die vol zat met guttatiedruppels. We hebben enkele foto’s op het forum van Waarneming.nl gezet en volgens dhr. A. Houter van de NMV leek het een Zwetende kaaszwam. Dhr L. Bos, die in 1998 het eerste exemplaar in Nederland ontdekte, gaf ons vervolgens meer informatie: de zwam was nog niet volgroeid. Twee maanden lang hebben we de ontwikkeling van de zwam gevolgd. In de hete en droge periode van juli hebben we hem zelfs twee keer per week water gegeven. Begin augustus begon de zwam horizontaal uit te groeien: de hoed ontstond. De vorm van het begin bleek de steel van de zwam te zijn. Na nog eens drie weken was de kaaszwam voldoende uitgegroeid en werd hij officieel gedetermineerd door dhr. W. Ligterink, consul van de NMV. Het bleek de eerste vondst in Overijssel!

Klik voor een toelichting op paddenstoelenliteratuur! Literatuur:
A. Bernicchia (2005): Polyporaceae s.l., Fungi Europaei, Bnd. 10, blz. 338.
L. Bos (2001): Oligoporus guttulatus in de bossen van paleispark Het Loo gevonden. Coolia 44(4), blz. 223-226.
G.J. Krieglsteiner (2000): Die Großpilze Baden-Württembergs, Band 1, blz.552.

5 september 2006: Spechtinktzwammen in Oldenzaal opnieuw verschenen

Spechtinktzwam
Coprinus picaceus (Bull.: Fr.) S.F. Gray
Spechtinktzwam door Gerben Winkel
Foto: Gerben Winkel (2006)
Beschrijving:
Vandaag fotografeerde ik de laatste tien Spechtinktzwammen bij houtzagerij 'De Volharding'. In een kleine week was het zichtbare proces van de soort alweer voorbij. De dikste hoop houtsnippers heeft genoeg vocht gekregen van de natte augustusmaand en was nog voldoende voedingrijk voor de zwam. Helaas is er niet gemaaid en riet en brandnetels gappen het vocht en voeding weg. Maar drie jaar Spechtinktzwammen op exact dezelfde vindplaats te zien is aardig. Dit jaar stonden ze er drie weken vroeger. Het is aan te bevelen meer soorten jaarlijks ter plekke op hun aanwezigheid te controleren. Je kent de plaatselijke omstandigheden dan beter en kunt het gedrag van soort ook beter volgen. Bekijk ook de waarneming uit 2005 of de eerste waarneming uit 2004.

Klik voor een toelichting op paddenstoelenliteratuur! Literatuur:
E. Gerhardt (2006): De grote paddenstoelengids voor onderweg, blz. 352.
G. Keizer (1997): Paddestoelen Encyclopedie. Rebo, blz. 254.
R. Phillips (1981): Paddestoelen en schimmels van West-Europa, blz. 178.

4 september 2006: Stekelkopamaniet bij Harmelen (Utrecht)

Stekelkopamaniet
Amanita solitaria (Bull.: Fr.) Mérat
Stekekopamaniet door Maurice van der Molen
Foto: Maurice van der Molen (2006)
Beschrijving:
De eerste excursie van district Utrecht toog naar het Vijverbos bij Harmelen. Het betreft hier een klein gemengd bos op klei rond een vijver. Met z'n vieren deden we vele mooie vondsten, zoals de Groensteelsatijnzwam (Entoloma incanum), Franjeamanieten (Amanita strobiliformis), diverse Knots- en Koraalzwammen en een zee van Vezelkoppen en Russula's. Aan het einde van de excursie (die door de overdaad aan paddenstoelen al was uitgelopen tot vijf uur!) troffen we nog een aantal grijsbruine Amanieten aan. Eerst dachten we te maken te hebben met Panteramanieten maar toch waren ze anders. Grauwe amaniet dan maar? De vier exemplaren hadden nogal gekke Lepiota aspera-achtige velumresten (Spitsschubbige parasolzwam?) op hun hoed. We wisten het niet direct, dus nam ik voor de zekerheid een exemplaar mee voor thuisstudie. Het exemplaar dat ik uitkoos bleek bij uitspitten een nogal een grote wortel te hebben maar ook dat deed ons geen licht schijnen. Maar na thuiskomst kwam ik in de tabel snel uit op de Stekelkopamaniet. Staat als gevoelig op de Rode Lijst.

Klik voor een toelichting op paddenstoelenliteratuur! Literatuur:
J. Breitenbach & F. Kränzlin (1995): Pilze der Schweiz, Band 4, blz. 154.
R. Phillips (1981): Paddestoelen en schimmels van West-Europa, blz. 21.

2 september 2006: Purpersnedemycena in de Kennemerduinen

Purpersnedemycena
Mycena pelianthina (Fr.: Fr.) Quél.
Purpersnedemycena door Niko Buiten
Foto: Niko Buiten (2006)
Beschrijving:
Bladstrooisel van beuk en eik op matig voedselrijke, kalkhoudende bodem vormt het substraat voor deze soort. Daarom verwacht je deze soort vooral in de duinbossen van Zuid-Holland, maar hij is daar slechts uit vijf atlasblokken bekend! De tien overige atlasblokken liggen in minder kalkhoudende gebieden. Al met al een zeer zeldzame soort die als ernstig bedreigd op de Rode Lijst staat. Zie ook de waarneming van 2005.

Klik voor een toelichting op paddenstoelenliteratuur! Literatuur:
E. Gerhardt (2006): De grote paddenstoelengids voor onderweg, blz. 198.
R. Phillips (1981): Paddestoelen en schimmels van West-Europa, blz. 72.

2 september 2006: Somber staalsteeltje in de Kennemerduinen

Somber staalsteeltje
Entoloma poliopus (Romagn.) Noordel.
Somber staalsteeltje door Niko Buiten
Foto: Niko Buiten (2006)
Beschrijving:
Een soort van niet-bemeste graslanden op kalkhoudende bodem in duinweiden en klakgraslanden. Zoals alle soorten uit die milieu's zeldzaam en achteruitgaand en daarom als ernstig bedreigd op de Rode Lijst. De soort is uit minder dan 25 atlasblokken bekend en uit een aantal daarvan al verdwenen.

Klik voor een toelichting op paddenstoelenliteratuur! Literatuur:
M.E. Noordeloos (1992): Entoloma s.l., Fungi Europaei, Bnd. 5, blz. 534.
M.E. Noordeloos (1988): Entolomataceae in: Flora Agaricina Neerlandica, Vol.1, blz. 159.

2 september 2006: Kleine speldeprikzwam in de Kennemerduinen

Kleine speldeprikzwam
Poronia erici Lohmeyer & Benkert
Kleine speldeprikzwam door Niko Buiten
Foto: Niko Buiten (2006)
Beschrijving:
De Grote speldeprikzwam (Poronia punctata) staat in heel Europa op de Rode Lijst. Omdat de soort afhankelijk is van ruige mest en omdat steeds meer koeien standaard aan de "diarree" zijn, is die soort zo hard achteruit gegaan. Met een nieuwe vorm van natuurbeheer, waarbij paarden en koeien worden ingezet om verruiging van het terrein tegen te gaan in heel veel natuurgebieden in ons land, zijn paddenstoelen van ruige mest ineens teruggekeerd en ontdekten we zelfs nieuwe soorten. Daarbij is ook de Kleine speldeprikzwam (voor het eerst beschreven in 1988), die behalve op koeien- en paardenmest in de duinen ook op konijnenkeutels aangetroffen wordt.

Klik voor een toelichting op paddenstoelenliteratuur! Literatuur:
L. Jalink (1992): Poronia erici, een kleine soort speldeprikzwam in Nederland. Coolia 35/3, blz. 95-98.
A. Gutter (1994): Poronia erici in de begraasde duinen van het Zwanenwater. Coolia 37/2, blz. 73-74.
L. Jalink (1995): Poronia erici in de polders. Coolia 38/1, blz. 43.

31 augustus 2006: Houtboleet in Bergen (NH)

Houtboleet
Pulveroboletus lignicola (Kallenb.) Pilát
Houtboleet door Martijn Oud
Foto: Martijn Oud (2006)
Beschrijving:
Vanmorgen belde Cees Roobeek mij op met de mededeling dat hij een sitkaspar had gevonden met aan de voet een op dat moment onbekende boleet. Bij doorsnijden bleken ze een prettige geur af te geven en na het raadplegen van o.a. het internet kwamen we in eerste instantie uit op de Geurende boleet (Boletus fragrans). Na microscopisch onderzoek bleek het echter duidelijk te gaan om de Houtboleet. Een uiterst zeldzame soort die als gevoelig op de Rode Lijst staat.

Klik voor een toelichting op paddenstoelenliteratuur! Literatuur:
J.A. Muñoz (2005): Boletus s.l., Fungi Europaei, Bnd. 2, blz. 295 (als Buchwaldoboletus lignicola).
G.J. Krieglsteiner (2001): Die Großpilze Baden-Württembergs, Band 2, blz.289.
J. Breitenbach & F. Kränzlin (1991): Pilze der Schweiz, Bnd.3, blz. 76.

29 augustus 2006: Gewoon houtskoolbekertje in de Bakkeveenster duinen (Friesland)

Gewoon houtskoolbekertje
Anthracobia melaloma (A. & S.: Fr.) Boud.
Gewoon houtskoolbekertje door Sjoerd Greydanus
Foto: Sjoerd Greydanus (2006)
Beschrijving:
Sinds vermoedelijk juni/juli is er in De Bakkeveensterduinen een vrij kleine brandplek. De heide ligt er hier troosteloos bij, maar op 29 augustus ontdekte Sjoerd Greydanus toch enkele oranje plekjes, kleine groepjes van het Gewone houtskoolbekertje. In Friesland is dat bijzonder, want daar was de soort nog maar uit één atlasblok bekend. Elders in Nederland is dit houtskoolbekertje niet zo zeldzaam: het verschijnt eigenijk altijd vrij snel op brandplekken. Maar brandplekken worden blijkbaar wel steeds zeldzamer: de soort staat als bedreigd op de Rode Lijst.

Klik voor een toelichting op paddenstoelenliteratuur! Literatuur:
G. Keizer (1997): Paddestoelen Encyclopedie. Rebo, blz. 51.
J. Breitenbach & F. Kränzlin (1981): Pilze der Schweiz, Bnd.1, blz. 106.

28 augustus 2006: Schermpjeseikhaas in Warnsveld

Schermpjeseikhaas
Polyporus umbellatus (Pers.: Fr.) Fr.
Schermpjeseikhaas door Hannie Wijers
Foto: Hannie Wijers (2006)
Beschrijving:
Hannie Wijers vond deze fraaie zwammen langs de oprijlaan bij Huize Voorst te Warnsveld aan de voet van een eik. De laan bestaat uit oudere loofbomen, waaronder eiken en beuken met een dicht bladerdek. In Nederland is de Schermpjeseikhaas zeer zeldzaam en staat als gevoelig op de Rode Lijst. De soort onderscheidt zich van de Eikhaas (Grifola frondosa) doordat de hoedjes genaveld zijn.

Klik voor een toelichting op paddenstoelenliteratuur! Literatuur:
A. Bernicchia (2005): Polyporaceae s.l., Fungi Europaei, Bnd. 10, blz. 472.
S. Ryman & I. Holmåsen (1992): Pilze, blz. 202.
J. Breitenbach & F. Kränzlin (1986): Pilze der Schweiz, Bnd.2, blz. 318 (als Dendropolyporus umbellatus).
R. Phillips (1981): Paddestoelen en schimmels van West-Europa, blz. 220 (als Grifola umbellata).

28 augustus 2006: Wormvormige knotszwammen in 't Geestmerambacht

Wormvormige knotszwam
Clavaria fragilis Holmsk.: Fr.
Wormvormige knotszwam door Theo Westra
Foto: Theo Westra (2006)
Beschrijving:
De Wormvormige Knotszwam werd gevonden in het recreatiegebied 't Geestmerambacht in Noord-Holland. De paddenstoeltjes groeiden langs het voetpad ter hoogte van de Molentogt. Er stonden een paar plukjes bijeen op kleiige, vochtige grond.
De Wormvormige knotszwam staat als kwetsbaar op de Rode Lijst.


Klik voor een toelichting op paddenstoelenliteratuur! Literatuur:
S. Ryman & I. Holmåsen (1992): Pilze, blz. 120 (als Clavaria vermicularis).
J. Breitenbach & F. Kränzlin (1986): Pilze der Schweiz, Band.2, blz. 344 (idem).
R. Phillips (1981): Paddestoelen en schimmels van West-Europa, blz. 257 (idem).

26 augustus 2006: Prachtamaniet op landgoed Windesheim (Overijssel)

Prachtamaniet
Amanita ceciliae (B. & Br.) Bas
Prachtamaniet door Sjoerd Greydanus
Foto: Sjoerd Greydanus (2006)
Beschrijving:
Tijdens een NMV-excursie naar het landgoed Windesheim ten zuiden van Zwolle waren er wel dertig mensen die deze bijzondere paddenstoel fotografeerden. Het is dus eigenlijk bijzonder dat slechts één van die fotografen op het idee kwam een plaatje in te sturen. In Nederland blijft de Prachtamaniet een bijzondere verschijning! Deze soort staat als bedreigd op de Rode Lijst. Zie ook de waarneming uit 2004.

Klik voor een toelichting op paddenstoelenliteratuur! Literatuur:
E. Gerhardt (2006): De grote paddenstoelengids voor onderweg, blz. 28.
S. Ryman & I. Holmåsen (1992): Pilze, blz. 394.
R. Phillips (1981): Paddestoelen en schimmels van West-Europa, blz. 22 en 23.

6 augustus 2006: Spikkelsteelveldridderzwam in Overijssel

Spikkelsteelveldridderzwam
Melanoleuca verrucipes (Fr.) Sing.
Spikkelsteelveldridderzwam door Marian & Bert Jagers
Foto: Marian & Bert Jagers (2006)
Beschrijving:
De Spikkelsteelveldridderzwam vond ik na een wandeling over de Lonnekerberg. Op weg naar de auto zag ik in de berm twee witte paddenstoeltjes staan en kon het niet nalaten om nog even te kijken. Vooral de spikkels op de steel vielen erg op. Deze soort is jaren lang erg zeldzaam geweest, maar dit jaar komt hij door het warme weer wat meer voor. Ook dhr. André Houter, die op het forum van Waarneming.nl de soortnaam suggereerde, vond de paddenstoel twee dagen later in het Vilsterense veld. Wim Ligterink, consul van de NMV, heeft hem officieel gedetermineerd. De Spikkelsteelveldridderzwam staat als gevoelig vermeld op de Rode Lijst. Zie ook de waarneming van 2004.

Klik voor een toelichting op paddenstoelenliteratuur! Literatuur:
G.J. Krieglsteiner (2001): Die Großpilze Baden-Württembergs Band 3, blz. 380.
T. Boekhout (1999): Melanoleuca. Flora Agaricina Neerlandica, Vol.4, blz. 155.

2 juni 2006: Korrelige taaiplaten in Rheebruggen

Korrelige taaiplaat
Lentinus cyathiformis (Schaeff.) Bres.
Korrelige taaiplaten door Cees Veenema
Foto: Cees Veenema (2006)
Beschrijving:
Cees Veenema stuurde een collectie gedroogd materiaal en een serie foto's in van deze paddestoelen. Microscopische determinatie wees uit dat het echt niet anders kan! Een zeer zeldzame soort (tot nu toe bekend uit vier atlasblokken), aangetroffen op een ratelpopulier (Populus tremula) op een boerenerf in Rheebruggen, direct ten noorden van Havelte (Drenthe). Volgens de Rode Lijst is de Korrelige taaiplaat kwetsbaar.

Klik voor een toelichting op paddenstoelenliteratuur! Literatuur:
G.J. Krieglsteiner (2001): Die Großpilze Baden-Württembergs, Band 2, blz.15.
L. Hansen & H. Knudsen (red.) (1992): Nordic Macromycetes, Vol.2, blz. 48.
T. Boekhout (1990): Flora Agaricina Neerlandica, Vol.2, blz. 29-30.

7 mei 2006: Elzeschorsschijfje in Oost-Flevoland

Elzeschorsschijfje
Diatrypella verrucaeformis (Ehrh.: Fr.) Cooke
Elzeschorsschijfje door Aldert Gutter
Foto: Aldert Gutter (2006)
Beschrijving:
Tijdens het "korstjesweekend" van de Aphyllophorales-werkgroep Cristella vonden we in totaal zes soorten schorsschijfjes. De gewoonste was het Hoekig schorsschijfe (Diatrype disciformis) op dode beukentakken. Iets minder gewoon en op wilg is het Wilgeschorsschijfe (Diatrype bullata). De zeldzaamste staat hieronder beschreven: Melogramma campylosporium. Tenslotte vonden we drie soorten uit het geslacht Diatrypella: het Eikeschorsschijfje (D. quercina) is heel gewoon. Minder gewoon is het Berkeschorsschijfe (D. favacea) en de zeldzaamste is hiernaast afgebeeld: het Elzeschorsschijfje op dode Elzentakken (officieel bekend uit slechts 9 uurhokken). Maar ja, die zeldzaamheid is dus heel relatief, zoals hieronder al te lezen staat. Diatrypella onderscheidt zich van Diatrype en Melogramma, doordat het een veelvoud van acht sporen (dikwijls meer dan 64!) per ascus vormt i.p.v. acht (wat ook bij de meeste andere Ascomyceten gewoon is).

Klik voor een toelichting op paddenstoelenliteratuur! Literatuur:
J. Breitenbach & F. Kränzlin (1981): Pilze der Schweiz, Bnd.1, blz. 282.

6 mei 2006: Bijzonder korstschijfje in waterloopbos (Kraggenburg)

'Korstschijfje'
Melogramma campylosporium Fr.
Melogramma's door Bernhard de Vries
Foto: Bernhard de Vries (2006)
Beschrijving:
Tijdens het "korstjesweekend" van de Aphyllophorales-werkgroep Cristella (zie ook bij de Grote voorjaarsbekerzwam en de Kapjesmorieje hieronder) vonden we dit schorsschijfje massaal op dode takken van Haagbeuk. De soort is wel al opgenomen in de aanvullende soortenlijst op deze site, maar vermoedelijke gaat het om de eerste geverifieerde vondst in ons land. De zeldzaamheid staat natuurlijk ter discussie: in deze tijd van het jaar kijkt bijna niemand naar paddenstoelen en wie dat wel doet, kijkt zelden naar soorten uit deze groepen. En als je dan al zo'n tak vindt, is de kans groot dat je de zwammetjes verwart met bijvoorbeeld het Hoekig schorsschijfje (Diatrype disciformis, groeiend op dode beukentakken)... Dat heeft dan met ervaring te maken, want vergelijk deze foto maar eens met foto's van het Hoekig schorsschijfje in bijvoorbeeld onderstaand boek van Breitenbach & Kränzlin (blz. 280). Merk dan ook op dat er ook nog andere "schorsschijfes" in dat boek zijn afgebeeld...

Klik voor een toelichting op paddenstoelenliteratuur! Literatuur:
M.B. Ellis & J.P. Ellis (1985): Microfungi on land plants, blz. 104.
J. Breitenbach & F. Kränzlin (1981): Pilze der Schweiz, Bnd.1, blz. 288 (als Melogramma bulliardii).

6 mei 2006: Grote voorjaarsbekerzwammen in het Revebos (Roggebotsluis)

Grote voorjaarsbekerzwam
Discina ancilis (Pers.) Sacc.
Grote voorjaarsbekerzwam door Peter Klok
Foto: Peter Klok (2006)
Beschrijving:
Tijdens het "korstjesweekend" van de Aphyllophorales-werkgroep Cristella (zie ook bij de Kapjesmorieje hieronder) werden ook bekende vindplaatsen bezocht van zeer zeldzame soorten, omdat die daar nu konden worden verwacht. Eén van die zeldzaamheden is de Grote voorjaarsbekerzwam, die buiten Flevoland slechts in twee andere uurhokken is aangetroffen. Weliswaar was het mooie er van af door de plotselinge warmte en droogte, maar voor veel mensen was dit 'oude geval' een eerste kennismaking met deze soort! Discina ancilis staat als ernstig bedreigd in de Rode Lijst. Bekijk ook de waarneming van 2004.

Klik voor een toelichting op paddenstoelenliteratuur! Literatuur:
E. Gerhardt (2006): De grote paddenstoelengids voor onderweg, blz. 640 (als Discina perlata).
Dr. H. Haas e.a. (1982): Reader's Digest veldgids voor de natuurliefhebber. Paddestoelen van West- en Midden-Europa, blz. 266.
J. Breitenbach & F. Kränzlin (1981): Pilze der Schweiz, Bnd.1, blz. 64 (als Discina perlata).

5 mei 2006: kapjesmorieljes in Wisentbos (Dronten)

Kapjesmorielje
Morchella semilibera DC.: Fr.
Kapjesmrielje door Aldert Gutter
Foto: Aldert Gutter (2006)
Beschrijving:
Tijdens het "korstjesweekend" van de Aphyllophorales-werkgroep Cristella, dat dit jaar in het eerste weekend van mei in de Flevopolder werd gehouden, werden ook grotere voorjaarpaddenstoelen gevonden. Eén daarvan was de Kapjesmorielje, waarvan een tiental exemplaren in het Wisentbos bij Dronten groeiden. In de Flevopolder is deze soort uit nog enkele hokken bekend, maar de meeste vindplaatsen bevinden zich in de duinen (vooral die van het Renodunale district). In totaal echter nog maar in 81 uuthokken. De Kapjesmorielje staat als kwetsbaar vermeld in de Rode Lijst.

Klik voor een toelichting op paddenstoelenliteratuur! Literatuur:
E. Gerhardt (2006): De grote paddenstoelengids voor onderweg, blz. 624 (als Morchella gigas, syn. Mitrophora semilibera).
G. Keizer (1997): Paddestoelen Encyclopedie. Rebo, blz. 37.
M.M. Nauta & E.C. Vellinga (1995): Atlas van Nederlandse Paddestoelen, blz. 321.
R. Phillips (1981): Paddestoelen en schimmels van West-Europa, blz. 265 (als Mitrophora semilibera).

4 mei 2006: Kegelmorielje in Babberich

Kegelmorielje
Morchella elata Fr.: Fr.
Kegelmorielje door Benno te Linde
Foto: Benno te Linde (2006)
Beschrijving:
Mijn buurvrouw, mevrouw Kathleen Torma, kwam vandaag met een bijzondere vondst: een Morielje zich die door het asfalt van het kloosterpad in Babberich had gewurmd! Al plaatjeskijkend in 'Paddestoelen en schimmels van West-Europa" (Roger Phillips, 1981) kwam ik uit op de Kegelmorielje. Ik heb daarna in de "Atlas van Nederlandse paddestoelen" (Nauta en Vellinga, 1995) gekeken en zag dat deze soort wel erg zeldzaam is! Inderdaad komt deze soort volgens de gegevens in het Karteringsbestand maar in 36 uurhokken voor (gegevens t/m 1998). De Kegelmorielje staat op de Rode Lijst als bedreigd. Bekijk ook de waarneming van 2004.

Klik voor een toelichting op paddenstoelenliteratuur! Literatuur:
E. Gerhardt (2006): De grote paddenstoelengids voor onderweg, blz. 624 (als M. conica)
M.M. Nauta & E.C. Vellinga (1995): Atlas van Nederlandse Paddestoelen, blz. 319.
J. Breitenbach & F. Kränzlin (1981): Pilze der Schweiz, Bnd.1, blz. 44.
R. Phillips (1981): Paddestoelen en schimmels van West-Europa, blz. 265.

28 april 2006: Klein zeggeknolkelkje bij Urkhoven

Klein zeggeknolkelkje
Myriosclerotinia sulcatula T. Schumach. & L.M. Kohn
= Sclerotinia sulcata Whetzel
Klein zeggeknolkelkje door Henk Huijser
Foto: Henk Huijser (2006)
Beschrijving:
Deze paddenstoeltjes, met kelkjes van bijna één centimeter in diameter, komen uit sclerotia (langwerpige zwarte knolletjes) die zich aan de wortels van zeggen (Carex spp.) ontwikkelen. Hier in Urkhoven werden ze aangetroffen in vochtig grasland. Ze groeiden met enkele honderden op een vierkante meter bijeen. Volgens het karteringsbestand is deze soort bekend uit slechts 7 uurhokken. Omdat het een voorjaarssoort betreft die bovendien in gebieden groeit die door mycologen niet vanzelfsprekend worden bezocht, is de kans groot dat dit zwammetje veel algemener is.

Klik voor een toelichting op paddenstoelenliteratuur! Literatuur:
L. Hansen & H. Knudsen (red.) (2000): Nordic Macromycetes, Vol.1, blz. 174.
J. Breitenbach & F. Kränzlin (1981): Pilze der Schweiz, Bnd.1, blz. 138.

22 april 2006: Lenteknotszwammen op de Veluwe

Lenteknotszwam
Clavulinopsis vernalis (Schw.) Corner
Lenteknotszammen door Menno Boomsluiter
Foto: Menno Boomsluiter (2006)
Beschrijving:
Deze Lenteknotszwammen vond ik in een retentie van het Waterschap Veluwe op een plaats waar ook het Blauwgroen trechtertje (Omphalina chlorocyanea) groeit. De biotoop is echter vochtiger: de paddenstoeltjes groeien op kale, onbegroeide grond op vaak cirkelvormige algenmatjes. De Lenteknotszwam is een algensymbiont en drie tot vijf millimeter hoog. Bekijk ook de waarneming van 2005.

Klik voor een toelichting op paddenstoelenliteratuur! Literatuur:
L. Raaijmakers (2004): Een nieuwe vindplaats van de Lenteknotszwam. Coolia 47/4, blz.190-193.
S. Ryman & I. Holmåsen (1992): Pilze, blz. 123 (als Multiclavula vernalis.

14 april 2006: Blauwgroene trechtertjes in Twente

Blauwgroen trechtertje
Omphalina chlorocyanea (Pat.) Sing.
Blauwgroen trechtertje door Gerben Winkel
Foto: Gerben Winkel (2006)
Beschrijving:
Vrijdag 14 april keek ik bij een twee jaar geleden opgeschoonde oude drinkpoel in het Roderveld naar de aanwezigheid van kamsalamanders. Maar op die dag leverde het heel wat anders op dan salamanders: ongeveer een meter van de waterkant zag ik opvallende paddestoeltjes! Het waren drie groepjes in verschillende stadia en kleur, doorschijnend blauwgroen met een donkere steel, de oudere exemplaren waren geelbruin. In het voorjaar hebben paddestoelen niet direkt mijn aandacht, maar enkele dagen later heb ik ze uitgebreid gefotografeerd omdat ik ze determineerde als "Blauwgroen trechterje". In 2004 heeft Menno Boomsluiter ook exemplaren van deze soort gevonden in waterbergingsgebieden grenzend aan de Eperbeken. Het trechtertje was toen van zes vindplaatsen bekend. Bij de poel staan ze in een drabbige, dikke laag van algen en bacteriën tussen Haarmos en Pitrus.

Klik voor een toelichting op paddenstoelenliteratuur! Literatuur:
M.W. Boomsluiter (2005): Onbemind maakt onbekend. Coolia 48/2, blz. 50-52.
L. Rommelaars (2004): Mycologisch avontuur in de Kaaistoep 2. Coolia 47/2, blz. 86-89.
Th.W. Kuyper (1995): Omphalina in: Flora Agaricina Neerlandica, Vol.3, blz. 82.

11 april 2006: Voorjaarskluifzwammen in Groesbeek22 april ook op vliegbasis Gilze Rijen...

Voorjaarskluifzwam
Gyromitra esculenta (Pers.:Fr.) Fr.
Voorjaarskluifjeszwam Gio van Bernebeek
Foto: Gio van Bernebeek (2006)
Beschrijving:
Afgelopen dinsdag kreeg ik een melding van Voorjaarskluifzwammen op een grasveld met aangrenzend dennenbos in Groesbeek. Dat is een opmerkelijke vondst na de zware nachtvorsten en hagelbuien van de afgelopen dagen. Een snel bezoek leverde ongeveer dertig kleine kluifzwammetjes in het gras en één grote aan de bosrand op. Vorig jaar stonden ze op exact dezelfde plaats, maar toen was de grasmaaier eroverheen gegaan. Dit jaar had ik uitdrukkelijk gevraagd voor het maaien eerst te kijken en dat was gelukkig gebeurd: de plek was met rood-wit lint zelfs keurig gemarkeerd! Wat opvalt bij het exemplaar op de foto is de aflopende hoed aan de rechterkant. Vorig jaar stond er precies zo eentje. Is dit toeval of genetisch bepaald? De voorjaarskluifzwam staat op de Rode Lijst als bedreigd en is giftig. Het terrein behoort aan een psychiatrisch kliniek en over de giftigheid kon ik maar beter zwijgen volgens de beheerder om mensen niet op het idee te brengen...

Klik voor een toelichting op paddenstoelenliteratuur! Literatuur:
E. Gerhardt (1999): De grote paddestoelengids voor onderweg. Tirion, blz. 626.
G. Keizer (1997): Paddestoelen Encyclopedie. Rebo, blz. 38.
M.M. Nauta & E.C. Vellinga (1995): Atlas van Nederlandse Paddestoelen, blz. 317.
R. Phillips (1981): Paddestoelen en schimmels van West-Europa, blz. 267.

10 april 2006: Cedergrondbekerzwammen in Bennebroek

Cedergrondbekerzwam
Geopora sumneriana (Cooke) De la Torre
Cedergrondbekerzwam door Kees l'Ami
Foto: Kees l'Ami (2006)
Beschrijving:
Op mijn werk in Bennebroek (Noord-Holland) heb ik een volgens de boeken zeldzame paddestoel gevonden. Het gaat volgens mij om een Cedergrondbekerzwam. Bij twee verschillende ceders staan ongeveer vijftig exemplaren!
De Cedergrondbekerzwam wordt vaker en vaker gemeld uit tuinen met Atlasceders. Het is onduidelijk of men er sinds de eerste melding veker op is gaan letten of dat de zwammen nu vaker opduiken, omdat de bomen in de tuinen, waarin ze zijn aangeplant steeds vaker een leeftijd beginnen te berijken, waarbij deze paddenstoel zich openbaart.
Bekijk ook de Cedergrondbekerzwam uit 2004.

Klik voor een toelichting op paddenstoelenliteratuur! Literatuur:
L. Hansen & H. Knudsen (red.) (2000): Nordic Macromycetes, Vol.1, blz. 98.
G. Keizer (1997): Paddestoelen Encyclopedie, blz. 136.
J. Breitenbach & F. Kränzlin (1981): Pilze der Schweiz, Bnd.1, blz. 88.
R.W.G. Dennis (1981): British Ascomycetes, blz. 34 (als: Sepultaria foliacea).

21 januari 2006: Krulhaarkelkzwammen in Biddinghuizen

Krulhaar kelkzwam
Sarcoscypha austriaca (Sacc.) Boud.)
Krulhaarkelkzwammen door Gio van Bernebeek
Foto: Gio van Bernebeek (2006)
Beschrijving:
Afgelopen zaterdag bij Biddinghuizen een stuk of dertig krulhaarkelkzwammen gevonden. Ze zaten daar op de afgevallen takken van de zwarte els. Ik werd vooral gegrepen door de prachtige kleuren in de winter! Er bestaat ook een dubbelganger van deze soort die in het veld zelfs door kenners niet te onderscheiden is: de Rode kelkzwam (S. coccinea (Scop.: Fr.) Lamb.). Beide soorten kunnen op dezelfde vindplaats door elkaar groeien. Laat uw vondst daarom altijd door een specialist microscopisch determineren! Om een indruk te krijgen van de verspreiding van beide soorten kunt u de foto's en verspreidingskaartjes van 2004 bekijken. Verder kunt u nog foto's bekijken van Rode kelkzwammen die door Hannie Joziasse zijn waargenomen in 2003. En wat de winterkleuren betreft: bekijk ook de 'Sprokkelvlag' van Lucien Noens uit 2004!

Klik voor een toelichting op paddenstoelenliteratuur! Literatuur:
Volledige beschrijvingen van beide soorten zijn gepubliceerd in: Baral (1984): Z. Mycol. 50, blz. 120-122.
De Rode kelkzwam staat afgebeeld in: J. Breitenbach & F. Kränzlin (1981): Pilze der Schweiz, Bnd.1, blz. 122.
De Krulhaarkelkzwam staat afgebeeld in: E. Gerhardt (1999): De grote paddestoelengids voor onderweg. Tirion, blz. 638.

16 januari 2006: Winterkorrelhoed in kasteelpark Nijenrode: Nieuw in Nederland !!26 januari ook in Hulst!!

Winterkorrelhoed
Cystoderma simulatum P.D. Orton
Winterkorrelhoed door Gert Immerzeel
Foto: Gert Immerzeel (2006)
Beschrijving:
Vandaag was ik weer zieke Kastanjes aan het opsporen, en dan kom je nog eens ergens. Verrast was ik door zeer fraaie verse oranje paddenstoeltjes op rot hout: de Winterkorrelhoed, een vorstbestendige soort die groeit op verrot hout. Jong is de hoed dicht bedekt met okerkleurig korrelig velum, later is de ca 2 cm grote hoed kaal en zeer fraai oranje tot roodbruin en grof radiair gerimpeld. De hoedrand blijft lang ingerold en behangen met grove okerkleurige velumvlokken, waar de steel ook mee vol zit vanaf een vlokkige ringzone. Het bosje waar de soort in is gevonden is zeer vochtig, en 15 jaar geleden vrijwel volledig verdronken en daarna ingestort, waardoor het letterlijk vol ligt met deels sterk vergane en bemoste stammen van Es, Eik en Paardekastanje. De boomsoort waar de korrelhoedjes op groeien is niet meer herkenbaar. Deze wintergast is in Europa een zeer zeldzame soort. Beluister het radiobericht op Vara's Vroege Vogels van zondag 29 januari.

Klik voor een toelichting op paddenstoelenliteratuur! Literatuur:
J. Breitenbach & F. Kränzlin (1995): Pilze der Schweiz, Bnd.4, blz. 186.

9 januari 2006: Bosnetje in Hulst

Bosnetje
Ceriporia reticulata (Hoffm.: Fr.) Dom.
Bosnetje door Lucien Noens
Foto: Lucien Noens (2006)
Beschrijving:
In de serie op hout in de winter hoort ook het Bosnetje, gevonden in het SBB-terrein 'de Zoete Vaart' te Hulst. Het zwammetje groeide op een op de grond liggende vrij dikke hazelaartak. Een zeldzame verschijning, maar dat komt waarschijnlijk doordat het winter is en er dan doorgaans weinig mycologen op pad zijn. De echte karteerder is echter in alle jaargetijden actief en geniet zo het geluk veel soorten te vinden die als zeldzaam te boek staan, louter omdat hij de enige is die nog naar paddenstoelen kijkt!

Klik voor een toelichting op paddenstoelenliteratuur! Literatuur:
A. Bernicchia (2005): Polyporaceae s.l., Fungi Europaei, Bnd. 10, blz. 162.
J. Breitenbach & F. Kränzlin (1986): Pilze der Schweiz, Bnd.2, blz. 298.
H. Jahn (1979): Pilze die an Holz wachsen, blz. 110.

9 januari 2006: Twee nieuwe Poria's in Hulst

Verkleurende poria
Ceriporiopsis gilvescens (Bres.) Dom.
Verkleurende poria door Lucien Noens
Foto: Lucien Noens (2006)
Beschrijving:
Deze Verkleurende poria heb ik gevonden tegen de zijkant van een op de grond liggende vrij dikke populierentak. De paddenstoel doet zijn naam eer aan, want al bij zeer lichte druk treedt er een lichtbruine verkleuring op. Dat is een typisch en goed bruikbaar veldkenmerk. De paddenstoel is volgens onze gegevens uiterst zeldzaam (en op de Rode Lijst vermeld als gevoelig), maar wanneer er goed gezocht wordt in populierbossen waar in de voorbije jaren grondig is gedund, is de kans groot dat er meerdere vindplaatsen aan het licht komen.
Zie ook bij de waarneming van de Paarse wasporia van februari 2005.

Klik voor een toelichting op paddenstoelenliteratuur! Literatuur:
A. Bernicchia (2005): Polyporaceae s.l., Fungi Europaei, Bnd. 10, blz. 171.
J. Breitenbach & F. Kränzlin (1986): Pilze der Schweiz, Bnd.2, blz. 298.
R. Phillips (1981): Paddestoelen en schimmels van West-Europa, blz. 237.

Zalmkleurige poria
Junghuhnia nitida (Pers.: Fr.) Ryvarden
Zalmkleurige poria door Lucien Noens
Foto: Lucien Noens (2006)
Beschrijving:
Deze paddenstoel groeide op een liggende dikke Elzentak op S.B.B. terrein 'de Zoete Vaart' te Hulst. Dit is bezig voor mij zo langzamerhand een speciaal terrein te worden. Uiteraard door steeds meer kennis en omdat er heden ten dage ook meer literatuur ter beschikking is. En ondertussen is ook het Internet uitgevonden... Volgens onze gegevens is ook deze Poria uiterst zeldzaam (en gevoelig volgens de Rode Lijst), maar er is nog al wat te vinden op het Internet internationaal. De diverse foto's kunnen nogal verschillen. Vooral in een jong stadium zijn de poriën nogal afwijkend en de zwam kan ook geheel resupinaat voorkomen net als bijvoorbeeld bij Antrodia of Datronia mollis. En er moet natuurlijk ook iemand zijn die het hele jaar door dit gebied struint!

Klik voor een toelichting op paddenstoelenliteratuur! Literatuur:
A. Bernicchia (2005): Polyporaceae s.l., Fungi Europaei, Bnd. 10, blz. 307.
S. Ryman & I. Holmåsen (1992): Pilze, blz. 139.
J. Breitenbach & F. Kränzlin (1986): Pilze der Schweiz, Bnd.2, blz. 304.