Bijzondere Waarnemingen in 2004

12 juni 2004: Traliestinkzwammen in een tuin in Hulst

Traliestinkzwam
Clathrus ruber Pers.: Pers.
Traliestinkzwam door L. Noens
Foto: L. Noens (2004)
Beschrijving:
Een beetje argwanend bekeek de bewoner van huisnummer 91 aan de Poorterslaan te Hulst dat ding: is het een weggeworpen stuk aardewerk, een lampion, of is het iets anders? Toch maar een natuurliefhebber ingeschakeld, "dat er bij mensen in een voortuintje een oranjerode bol ligt en er zitten grote gaten in".
De Traliestinkzwam is al sinds 1735 uit ons land bekend, maar blijft een zeer zeldzame verschijning die af en toe opduikt en ook weer verdwijnt. Hij leeft saprotroof op humusrijke bodems en komt vaak voor op plaatsen met exotische planten o.a. in broeibakken en kassen. De geur van deze stinkzwammen is "mild"; onze Grote stinkzwam is toch wat heftiger van aasgeur. Jammer dat er toen de foto's werden gemaakt geen 'duivelseieren' meer waren... Al snel gaat ook deze stinkzwam ten onder. De keizersvliegen lusten van deze 'exoot' wel pap. Op 17 juli liggen er weer drie stuks; ze zijn wel kleiner dan de eerst vlucht.

Klik voor een toelichting op paddestoelenliteratuur! Literatuur:
J. Breitenbach & F. Kränzlin (1986): Pilze der Schweiz, Bnd.2, blz. 398.
E. Gerhardt (1999): De grote paddestoelengids voor onderweg, blz. 620.

Juni 2004: Roze stinkzwammen in "De Bruuk" in Groesbeek

Roze stinkzwam
Mutinus ravenelii (B. & C.) E. Fischer
Roze Stinkzwammen door G. van Bernebeek
Foto: G. van Bernebeek (2004)
Beschrijving:
Begin juni heb ik deze Roze stinkzwammen gevonden in natuurgebied "De Bruuk" in Groesbeek. Dit is een gebied met blauwgraslanden en wandelpaden met daarlangs redelijk oude inlandse eiken. Op het grensgebied tussen de wandelpaden en de graslanden vond ik de sinkzwammen. De drie op de foto stonden fraai fotogeniek bij elkaar. Binnen een straal van ongeveer vijf meter stonden er nog zes, maar dan alleenstaand. Alhoewel ik al meer dan vijftien jaar zeer regelmatig in dit natuurgebied kom, had ik ze hier nog nooit eerder gezien. Wel op andere plaatsen in Groesbeek en omgeving, zoals in rommelbosjes en plantsoenen met houtsnippers. Opvallend trouwens de laatste twee maanden is het enorme aantal grote stinkzwammen in bossen, tuinen en langs wegen. Wellicht een rijk stinkzwammenjaar in 2004 door de vele regens.

Klik voor een toelichting op paddestoelenliteratuur! Literatuur:
S. Ryman & I. Holmåsen (1992): Pilze, blz. 582.
E. Gerhardt (1999): De grote paddestoelengids voor onderweg, blz. 620.

18 mei 2004: Taphrina pruni Tul. op Prunus spec. in Hulst

Taphrina pruni Tul. Taphrina pruni
Foto: L. Noens (2004)
Beschrijving:
“Cashewnoten” aan Prunus spec.! Is het een kersenboom, een pruimenstruik of kan het ook een kerspruim zijn? In ieder geval een struik die soms eind januari begin februari al in bloei staat en doet denken aan een Sleedoorn (Prunus spinosa), maar het blad is slanker. De struik heeft nu ook al de solitaire donkergroene bessen als de Sleedoorn en ze worden in het najaar ook berijpt blauwzwart. Mogelijk is het een cultivar van P. spinosa vanwege de kerspruimen welke pas in de winter rijp zijn. De vanwege de groeivorm op een cashewnoot gelijkende “vrucht” is de imperfecte vorm van Taphrina pruni. Anders dan Exobasidium (bladgast) zorgt deze voor vruchtvervorming. Het worden langwerpige vruchten zonder pit en ze krijgen ook niet de bekende blauwzwarte kleur. Een familielid van deze Taphrina zorgt voor de bekende, opvallende, Heksenbezems in bomen, met name Berken. Een toevallige ontdekking daar ik op zoek was naar Yponomeutidae (Stippelmotten) op Vogelkers en andere Prunus-soorten en Meidoorn. Van deze vlinders zijn op dit ogenblik de rupsen in spinselnesten van verre te zien. Ook zo typisch; de rupsen zitten o.a. op Inlandse vogelkers en niet op Amerikaanse vogelkers welke ernaast staat.
Voor liefhebbers van plantengallen door insecten, schimmels enz. verwijzen we naar www.plantengallen.com. Daarop staat Taphrina pruni overigens vermeld als T. padi.

Klik voor een toelichting op paddestoelenliteratuur! Literatuur:
J. Breitenbach & F. Kränzlin (1981): Pilze der Schweiz, Bnd.1: Ascomyceten, blz. 128.
W.M. Docters van Leeuwen (1982): Gallenboek. Thieme & Cie, Zutphen, blz. 244.

12 mei 2004: Spikkelsteelveldridderzwammen in Sint Jansteen (Zeeuws Vlaanderen)

Spikkelsteelveldridderzwam
Melanoleuca verrucipes (Fr.) Sing.
Melanoleuca_verrucipes_Kln.jpg
Foto: L. Noens (2004)
Beschrijving:
Sint Jansteen, gem. Hulst. De IJSheiligen zijn in het land. Witte cirkels op de grond en een zwoele anijsgeur in de neus. Het kan niet anders of dit moet de Spikkelsteelveldridderzwam zijn! Van ca. 70 meter afstand vallen ze op en ze staan tussen honderden Vroege leemhoeden (Agrocybe praecox), ook flink uit de kluiten gewassen, en ze zijn GROOT!
De paddestoelen staan in het waterwingebied van EVIDES op pleistocene zandgrond met enkele jaren oude fijnsparhoutsnippers. De meeste zijn al enkele dagen oud en het gras in de nabijheid is al flink wit bestoven. De oudere exemplaren krijgen een schubbig uitziende hoed en zien er daardoor uit als een Tijgertaaiplaat, maar altijd even een blik werpen aan de onderkant, die toch duidelijk anders is.
De soort is pas in 1986 in ons land ontdekt, maar sindsdien is het aantal vindplaatsen toegenomen. Ik vind deze paddestoelen dan ook in de omstreken van Hulst zeer regelmatig op houtsnippers en vooral ook op composterend bermmaaisel dat blijft liggen in bosranden.

Klik voor een toelichting op paddestoelenliteratuur! Literatuur:
T. Boekhout (1999): Melanoleuca. Flora Agaricina Neerlandica, Vol.4, blz. 155.
G.J. Krieglsteiner (2001): Die Großpilze Baden-Württembergs Band 3, blz. 380.

28 april 2004: Grote voorjaarsbekerzwam in het Hulkesteinse Bos - Zuid-Flevoland

Grote voorjaarsbekerzwam
Discina ancilis (Pers.) Sacc.
Discina ancilis door M. van der Molen
Foto: M. van der Molen (2004)
Beschrijving:
De paddestoelen werden ontdekt tijdens een excursie van de Werkgroep Mycologisch Onderzoek IJsselmeerpolders in het Hulkesteinse Bos op 17 maart. Daarna is de soort nog op verschillende andere lokaties in de IJsselmeerpolders aangetroffen. De bekerzwammen groeien op dode stammen van naaldhout en op houtresten op en in de bodem. Tot nu toe waren er maar drie Nederlandse meldingen bekend van deze soort; nu zijn zeker vijf vindplaatsen bijgekomen! het het Hulkesteinse Bos betrof het bovendien zo'n veertig exemplaren. Staatsbosbeheer heeft er een persbericht aan gewijd. We hopen deze vondsten als extra argument te kunnen gebruiken om een aantal naaldhoutpercelen voor de toekomst te sparen. Veel percelen staan namelijk op de kaplijst i.v.m. ‘geplande’ ontwikkeling naar een natuurlijker en ‘inheemser’ bos.

Klik voor een toelichting op paddestoelenliteratuur! Literatuur:
J. Breitenbach & F. Kränzlin (1981): Pilze der Schweiz, Bnd.1, blz. 64 (als Discina perlata).
E. Gerhardt (1999): De grote paddestoelengids voor onderweg, blz. 640 (als D. perlata).

22 april 2004: Twee soorten Bokaalkluifzwammen in het Geestmerambacht (Noord-Holland)

Links:
Zwartwitte bokaalkluifzwam
Helvella leucomelaena (Pars.) Nannf.
Rechts:
Bokaalkluifzwam
Helvella acetabulum (L.: Fr.) Quél.
Bokaalkluifzwammen door M. Oud
Foto's: M. Oud (2004)
Beschrijving:
De in dit gebied aangetroffen Bokaalkluifzwammen werden aanvankelijk op één soort gehouden. Ondanks de uiterlijke verschillen tussen de paddestoelen, was er een probleem: het ontbreken van dennen (Pinus spp.), want volgens de Nederlandse opgaven zou de Zwartwitte bokaalkluifzwam steeds met den geassocieerd zijn. De buitenlandse literatuur (zie hieronder) geeft deze associatie echter niet en bij navraag bleek de Zwartwitte toch al vaker gevonden te zijn in gebieden, waar dennen ontbraken. Dus terug het veld in om materiaal te verzamelen voor microscopisch onderzoek. Het aantal vruchtlichamen bleek nu alweer ontzettend te zijn toegenomen! Behalve het kleurverschil zijn nog twee veldkenmerken belangrijk: de Zwartwitte heeft een lang ingerolde rand, die vaak aan één kant is ingescheurd, maar nog duidelijker zijn de ribben op de overgang van het receptaculum naar de steel: bij de Zwartwitte zijn deze afgerond en niet vertakt, terwijl bij de gewone Bokaalkluifzwam de ribben kantig en soms hokkerig vertakt zijn.

Klik voor een toelichting op paddestoelenliteratuur! Literatuur:
Maas-Geesteranus (1967): De fungi van Nederland II. Pezizales - deel I, KNNV WM-69, blz. 16 & 23.
J. Breitenbach & F. Kränzlin (1981): Pilze der Schweiz, Bnd.1, blz. 60 (H. leucomelaena als Paxina leucomelas).
M.B. Ellis & J.P. Ellis (1988): Microfungi on Miscellaneous Substrates, blz. 73-76.
E. Gerhardt (1999): De grote paddestoelengids voor onderweg, blz. 636.

22 april 2004: Honderden Vingerhoedjes in het Geestmerambacht (Noord-Holland)

Vingerhoedje
Verpa conica (O.F. Müller: Fr.) Swartz
Vingerhoedjes door M. Oud
Foto: M. Oud (2004)

Beschrijving:
Misschien is het Vingerhoedje niet zeldzaam genoeg om er op deze site melding van te doen, maar de aantallen waarin het paddestoeltje dit jaar optrad in het Geestmerambacht is beslist opmerkelijk te noemen: meer dan 150 stuks werden er bij het eerste bezoek al geteld! Wie denkt dat het voorjaar niet paddestoelenrijk is, heeft het mis! Naast de honderden Vingerhoedjes trof Martijn Oud hier ook de Bruine kale inktzwam (Coprinus romagnesianus), tientallen exemplaren van de Gewone Morielje (Morchella esculenta), heel veel Bokaalkluifzwammen (Helvella spp.) en een bijzondere Satijnzwam (Entoloma spec.) aan, die mogelijk een nieuwe soort zal blijken te zijn. Het materiaal is voor onderzoek opgestuurd naar Leiden.

Klik voor een toelichting op paddestoelenliteratuur! Literatuur:
J. Breitenbach & F. Kränzlin (1981): Pilze der Schweiz, Bnd.1, blz. 48.
E. Gerhardt (1999): De grote paddestoelengids voor onderweg, blz. 626 (als V. digitaliformis).

11 april 2004: Bruine kale inktzwammen in Hulst (Zeeuws Vlaanderen)

Bruine kale inktzwam
Coprinus romagnesianus Sing.
Bruine kale inktzwam door M. Oud
Foto: L. Noens (2004)
Beschrijving:
Het vinden en vervolgens juist benoemen van paddestoelen kan een heel avontuur zijn. In dit geval gaat het om een soort die heel dicht bij de bekende, zeer algemene Kale inktzwam (Coprinus atramentarius) staat, maar daarvan op enkele punten afwijkt, zodat je je op het verkeerde been gezet voelt. Literatuurstudie levert vervolgens ook nog de nodige verrassingen en je hebt je week weer gevuld! Het hele avontuur is ruim geïllustreerd te vinden op de website van Lucien Noens.
Op 22 april vond Martijn Oud de Bruine kale inktzwam ook in het Geestmerambacht in Noord-Holland. De foto, waarnaar het plaatje hiernaast verwijst, is van Martijn.

Klik voor een toelichting op paddestoelenliteratuur! Literatuur:
Afgebeeld in: M. Moser & U. Peintner (2003): Farbatlas der Basidiomyceten [III:Coprinus(2)]. Spektrum Akademischer Verlag Heidelberg - Berlin.

9 april 2004: Nonnekapkluifzwammen langs de ijsbaan bij Axel (gem. Terneuzen)

Nonnekapkluifzwam
Helvella spadicea Schaeff.
Nonnekapkluifzwam door L. Noens
Foto: L. Noens (2004)
Beschrijving:
Op de overzichtsfoto van de ijsbaan van Axel (klik op de foto om ook de andere foto's te zien) is de groeiplaats te zien rechts langs het grazige wandelpad onder de knotpopulieren. De bodem bestaat hier uit zand, plaatselijk verrijkt met kalk. De samenhang met populier lijkt duidelijk, maar ik weet eigenlijk niet of er sprake van symbiose (dus d.m.v. mycorrhiza's) is of dat de paddestoelen saprotroof leven. Hier in de streek (deze week ook in Hulst) staan de Nonnekapkluifzwammen in ieder geval altijd onder Populus en niet in of tussen lang gras.
Zoals uit de meldingen op deze site al blijkt, is 2004 een goed jaar voor Kluifzwammen en Morieljes. De meest bijzondere zijn hier gemeld, maar de wat minder zeldzame soorten worden in Zeeuws Vlaanderen ook in grote hoeveelheden aangetroffen. Bekijk hiervoor de speciaal aan deze groepen geweide pagina op de website van Lucien Noens.

Klik voor een toelichting op paddestoelenliteratuur! Literatuur:
R.A. Maas Geesteranus (1967): De fungi van Nederland II. Pezizales - deel I, KNNV WM-69. Blz. 24 (als Hevella leucopus).
E. Gerhardt (1999): De grote paddestoelengids voor onderweg, blz. 632.

31 maart 2004: Kegelmorieljes in een tuin in Hulst (Zeeuws Vlaanderen)

Kegelmorielje
Morchella elata Fr.: Fr.
Kegelmorielje door L. Noens
Foto: L. Noens (2004)
Beschrijving:
Op 31 maart 2004 komt er een melding binnen dat er morieljes staan in een tuin in Hulst. Direkt hier naartoe. De morieljes staan vooral tegen de scheidingsmuur met de buren en de mooiste staan achter een groene Kliko. Ze liggen bijna allen, een 20 tal, omver daar ze vlak tegen de muur tevoorschijn komen. Het is hier een pleitoceen zandgebied in een 'stadswijk'. De volgroeide exemplaren liggen op steenslag zoals op de foto te zien is. Als ik de steenslag verwijder om te zien waarom ze vlak tegen de muur boven komen, komt er een soort onkruidscherm tevoorschijn waar de steenslag op ligt. Vandaar de waarschijnlijk enigzins rare groeiwijze.
Er staan daar ook nog kleine met een grijze hoed, bijna de kleur als van de steentjes die op het pad liggen. Op Pilze Pilze Pilze zijn de grijze hoeden te zien bij de M. esculenta. Ik wist niet dat dit ook kon. Blijkbaar komt bij de Kegelmorielje dit verschijnsel in een jong stadium ook voor. Dit kan uiteraard voor verwarring zorgen. Naarmate de paddestoel groeit, wordt de tekening van de naar één punt toelopende lijnen met daartussen de rechthoekige kamers des te strakker.

Klik voor een toelichting op paddestoelenliteratuur! Literatuur:
H. Gams (1963): Kleine Kryptogamenflora Band IIa: ASCOMYCETEN door M. Moser, GFV, Stuttgart.
R.A. Maas-Geesteranus (1967): De fungi van Nederland II. Pezizales - deel I, KNNV WM-69, blz. 32.
J. Breitenbach & F. Kränzlin (1981): Pilze der Schweiz, Bnd.1, blz. 44.
E. Gerhardt (1999): De grote paddestoelengids voor onderweg, blz. 624 (als M. conica).

16 maart 2004: Honderden Kelkzwammen in de "Baggerputten" in Groningen

Rode kelkzwam / Krulhaarkelkzwam
Sarcoscypha coccinea / S. austriaca
Rode kelkzwam door M. van der Molen
Foto: M. van der Molen (2004)
Beschrijving:
Vorig jaar ging het nog om enkele tientallen, dit jaar vond Bert van Tellingen honderden exemplaren van de opvallende rode kelkzwammen. Het is niet duidelijk om welke soort het precies gaat, omdat de paddestoelen niet microscopisch zijn gecontroleerd. Beide soorten kunnen door elkaar voorkomen, zoals uit vele andere vondsten in ons land al is gebleken. De vindplaats in Groningen is nieuw, zowel voor de Rode kelkzwam als voor de Krulhaarkelkzwam. Sowieso zijn alle eerdere vondsten uit Groningen als sl. opgegeven en dus nooit microscopisch gecontroleerd.
Door op de foto van de Rode kelkzwam hiernaast te klikken, zal ook een foto van de Krulhaarkelkzwam worden getoond, alsmede een aantal recent vervaardigde verspreidingskaartjes.

Klik voor een toelichting op paddestoelenliteratuur! Literatuur:
R. Phillips (1981): Paddestoelen en schimmels van West-Europa, blz. 274 (Rode kelkzwam?).
Volledige beschrijvingen van beide soorten kelkzwammen zijn gepubliceerd in: Baral (1984): Z. Mycol. 50, blz. 120-122.
De Rode kelkzwam staat afgebeeld in: J. Breitenbach & F. Kränzlin (1981): Pilze der Schweiz, Bnd.1, blz. 122.
De Krulhaarkelkzwam staat afgebeeld in: E. Gerhardt (1999): De grote paddestoelengids voor onderweg. Tirion, blz. 638.